Druktechnieken

Er zijn verschillende druk ‘technieken’. Laat je hier inspireren voor mogelijkheden voor jullie kaartje.

Pregen/emboss:

Met pregen heb je een positieve en een negatieve cliché (of een vorm en een contra vorm) nodig waar het papier tussen komt. Door de kracht wordt de voorstelling uit het papier omhoog gedrukt. Dit is altijd blind (zonder inkt) en een preeg zie je altijd aan de achterkant van het papier. Niet alle papiersoorten zijn geschikt om te pregen. Voor pregen zijn de zachtere (iets wollige) papiersoorten meer geschikt.

Blinddruk:

Met blinddruk geef je de pers geen inkt. De voorstelling wordt dan zonder inkt in het papier gedrukt. Om nog meer ‘schaduw’ te geven aan de inwaartse druk kan je kiezen om een hele lichte tonale inkt te gebruiken die nét een beetje meer accent legt.

Letterpress:

Letterpress is een drukmethode waarmee met een drukpers het ontwerp met kracht voelbaar in het papier wordt gedrukt.  Er wordt een speciale drukplaat/cliché gemaakt. Alleen de wat zachtere (wollige) papiersoorten gaan goed met letterpress en/of pregen. Elk kaartje gaat 1 voor 1 door de pers en ze zijn stuk voor stuk net iets verschillend. Dit is ook gelijk de charme. Meestal worden de kaartjes eerst (digitaal) gedrukt en vervolgens van een letterpress en/of preeg vorm voorzien. Het is zowel mogelijk om op 300 grams of 600 grams papier een letterpress druk toe te passen.

Digitale druk:

Digitale druk (waaronder de aquarel lijn) geeft vele mogelijkheden waaronder de mogelijkheid om in meerdere kleuren te drukken.  Er zijn meerdere papiersoorten mogelijk met allemaal hun eigen afdrukkwaliteiten. Voor pregen/letterpress is er een speciale papiersoort nodig (iets zachter/wolligere katoenmix), als ook voor goudfolie (deze is iets gladder en hittebestendiger). Daarnaast zijn er nog andere papiersoorten in verschillende wit tinten, structuren en zelfs in kleur. Offsetdruk gaat meestal tot 300 grams papier omdat dikker papier niet door de persen gaat. Wel is het mogelijk vellen papier te verlijmen ofwel cacheren waardoor je toch een 600 grams soms zelfs 900 grams dikke kaart kan krijgen (zie kaartje Ismael met de boom).

Glitterembossing:

Met de aquarel kaartjes is het mogelijk een glitterembossing voor meer glans (een soort spotlak) aan te brengen. Dit zorgt ervoor dat bepaalde delen echt uit het papier springen.

Foliedruk met letterpress of offset:

Letterpress foliedruk is een vrij prijzige drukmethode (en zeker in een kleine oplage) omdat er een speciale hittebestendige magnesium cliché gemaakt dient te worden. Je werkt niet met drukinkt maar met folierollen die op de speciale foliepers wordt gezet.

Bij digitale druk is het op sommige papieren ook mogelijk om voor een digitale foliedruk te gaan zoals hierboven afgebeeld. Deze foliedruk ligt wat hoger voelbaar op het papier (embossed) en is minder kostbaar als bovenstaand. Foliedruk kan niet op alle papiersoorten.

Cacheren of verlijmen (alleen in combinatie met digitale druk):

Een hele mooie manier om van een digitaal gedrukte kaart (van 300 grams) toch een dikke 600 of zelfs 900 grams kaart te maken. Dit is mogelijk omdat er na het drukken 2 of 3 vellen worden verlijmd. Dit is alleen aan de zijkant van de kaart licht te zien als je er op let.

Perforeren:

Het aanbrengen van een gaat (of gaatjes) in het papier om bijvoorbeeld een lintje door te halen.